
Slaapstoornissen: oorzaken, symptomen en wat helpt


Slapeloosheid: wat zijn slaapstoornissen, slaapproblemen en slecht slapen
Iedereen slaapt wel eens slecht. Daar hoeft niet altijd een ziekte achter te zitten. Maar als je gedurende een lange periode last hebt van slecht slapen, dan lijd je mogelijk aan een ernstige, misschien zelfs behandelbare slaapstoornis. Deze zijn uiterst belastend, omdat ze deels buiten je controle liggen en zowel psychisch als fysiek grote druk kunnen opbouwen.
Het is daarom belangrijk om te weten„wat slaap is“ en dat slaapproblemen te behandelen zijn en dat je erin kunt slagen om weer een gezond slaappatroon te ontwikkelen. Maar eerst moet je vaststellen of je misschien zelfs een pathologische slaapstoornis hebt. Deze wordt ook wel ‘insomnie’ genoemd en verschilt van de ‘normale’ slechte slaap die iedereen wel eens ervaart. Insomnie is daarentegen niet normaal, maar pathologisch, en wordt duidelijk onderscheiden van gewone slaapproblemen. Alleen als alle drie de volgende punten van toepassing zijn, heb je last van insomnie:
- Slecht slapen: je slaapkwaliteit is slecht. Het maakt daarbij niet uit of je moeite hebt om in slaap te vallen of door te slapen, of dat je ’s ochtends heel vroeg wakker wordt en je daardoor niet uitgerust en fris voelt.
- Aanhoudende klachten: De slechte slaap is geen uitzondering, maar komt minstens drie keer per week voor en dat al meerdere weken lang.
- Lijdingsdruk: Je kunt de slapeloze nachten niet zomaar van je afzetten, maar merkt de volgende dag beperkingen, bijvoorbeeld omdat je zo moe bent dat je je op het werk nauwelijks kunt concentreren.
1.1. Verschil tussen acute en chronische slaapstoornissen/langdurige slapeloosheid
Volgens de definitie is een slaapstoornis pas pathologisch als deze langdurig is. Dat wil zeggen: als deze meerdere keren per week voorkomt en dat blijvend, gedurende weken of zelfs maanden. Daarom is het misschien verrassend dat artsen toch onderscheid maken tussen acute en chronische slaapstoornissen.
De acute slaapstoornis wordt in de slaapgeneeskunde ook wel kortdurende slapeloosheid genoemd. Het gaat hierbij om een pathologische verstoring van de nachtrust die minder dan drie maanden aanhoudt. Een typisch voorbeeld van een situatie waarin kortdurende slapeloosheid kan optreden, is een verhuizing. Er is gedurende een bepaalde tijd sprake van grote stress en tijdens deze fase worden de nachten een kwelling. Maar zodra de stressfactor niet meer speelt, omdat de verhuizing achter de rug is, nemen ook de slaapklachten weer af.
Anders is het bij een chronische slaapstoornis, ook wel langdurige slapeloosheid genoemd. Hier is sprake van wanneer de slaapkwaliteit al meer dan drie maanden te lijden heeft of wanneer hetzelfde slaapprobleem zich jarenlang steeds weer voordoet. De oorzaken van langdurige slapeloosheid kunnen divers zijn. Het kan bijvoorbeeld aan de externe omstandigheden liggen, bijvoorbeeld wanneer mensen in een te lawaaierige omgeving slapen of voortdurend gestrest zijn. Ook ziekten kunnen langdurige slapeloosheid veroorzaken. Het komt niet zelden voor dat langdurige slapeloosheid optreedt: in de westerse industrielanden lijdt ongeveer 10 procent van alle mensen aan chronische slapeloosheid.
1.2. Het verschil tussen in-, uit- en doorslaapstoornissen
Naast het onderscheid tussen acute slaapstoornissen (kortdurende slapeloosheid) en chronische slaapstoornissen (langdurige slapeloosheid), kunnen de verschillende vormen van stoornissen ook worden onderverdeeld: de inslaapstoornis, de doorslaapstoornis en de opwaakstoornis.
Een typische oorzaak van een inslaapstoornis is het rusteloze-benen-syndroom (RLS). Bij deze aandoening hebben patiënten de onbedwingbare drang om hun benen te bewegen, waardoor ze wakker blijven. Naast de rusteloosheid in de benen kunnen er ook krampen en pijn optreden, wat het in slaap vallen nog moeilijker maakt. Ook stress en zorgen zijn mogelijke oorzaken van in-slaapproblemen, waardoor mensen slechts met moeite in slaap kunnen vallen.
De oorzaken van slaaponderbrekingen kunnen eveneens divers zijn. Bijzonder veelvoorkomende oorzaken zijn alcoholgebruik of snurken met ademstilstanden, de zogenaamde slaapapneu. Beide verstoren de nachtrust en zorgen ervoor dat je tijdens de slaap steeds weer wakker wordt. Ook sommige medicijnen, zoals bijvoorbeeld bloeddrukmedicijnen of bepaalde antibiotica, veroorzaken problemen met doorslapen of het uitslapen. Dit laatste komt ook vaak voor tijdens de hormonale veranderingen in de menopauze.
Het lastige aan slaapstoornissen is dat de verschillende stoornissen zelden afzonderlijk voorkomen. Het is veel waarschijnlijker dat meerdere vormen in combinatie met elkaar voorkomen. Dat bemoeilijkt enerzijds het opsporen van de oorzaak en anderzijds de gerichte behandeling. Bovendien versterken de verschillende stoornissen elkaar: wie ’s nachts bijvoorbeeld voortdurend wakker wordt en daardoor overdag uitgeput is, is ’s avonds bij het slapengaan eerder gespannen – en het inslapen valt des te moeilijker.
1.3. Andere vormen van slaapstoornissen
Naast de reeds bekende vormen van slaapstoornissen, zoals problemen met inslapen, doorslapen en uitslapen, zijn er ook nog de zogenaamde slaap-waakritmestoornissen. Deze kunnen ontstaan doordat alles in je lichaam onderhevig is aan het zogenaamde circadiane ritme. Dit wordt vaak ook wel de biologische klok genoemd. Als deze verstoord en in de war is, kan dit leiden tot slaap-waakritmestoornissen, bijvoorbeeld de volgende:
- Vertraagde slaapfase: Getroffenen gaan erg laat, pas tussen één en zes uur 's nachts, naar bed en slapen dan tot laat in de ochtend of middag. Meestal zouden ze liever eerder gaan slapen. Vaak gaan depressies gepaard met deze stoornis.
- Vroegtijdige slaapfase: Getroffenen vallen al tussen 18 en 21 uur in slaap en zijn dienovereenkomstig vroeg weer wakker. In de meeste gevallen is dit moeilijk te combineren met het sociale leven. Ook hier gaan depressies vaak gepaard met deze aandoening.
- Onregelmatig slaap-waakritme: Bij deze stoornis zijn de slaaptijden volledig onvoorspelbaar over de dag verdeeld. De hoeveelheid slaap, ongeacht wanneer deze plaatsvindt, is daarbij echter in totaal normaal.
- Vrijlopend ritme: De getroffenen hebben een ritme dat echter veel langer duurt dan 24 uur. Daardoor gaan de mensen dagelijks één tot twee uur later naar bed dan de dag ervoor, zodat na ongeveer twee weken de dag in nacht verandert. Een vrijlopend ritme komt vaak voor bij blinde mensen.
- Jetlag: Dit zeer kortdurende slaapprobleem kennen velen na het overschrijden van tijdzones. Een jetlag leidt tot vermoeidheid overdag, moeilijkheden met in- en doorslapen en soms ook maag- en darmklachten. De beperkingen duren echter niet lang. Na ongeveer twee dagen past de biologische klok zich meestal aan de nieuwe lokale tijd aan. Alleen in uitzonderlijke gevallen heeft men er langer last van.
- Ploegendienstsyndroom: Ploegendienstmedewerkers hebben vaak slaapstoornissen die worden veroorzaakt door de voortdurend wisselende werktijden. Bij de getroffenen kunnen problemen met in- en doorslapen, slaperigheid overdag, maag- en darmklachten en verminderde prestaties optreden.
- Verstoringen door drugs, medicijnen of andere middelen: Vooral medicijnen tegen schizofrenie, dementie en obsessief-compulsieve stoornissen kunnen het slaap-waakritme verstoren. Dit geldt ook voor drugs, met name voor middelen met een langdurige en sterk stimulerende werking, zoals ecstasy.

Symptomen: slechte slaap herkennen
Wie aan een slaapstoornis lijdt, kampt meestal met verschillende problemen. Een deel van de symptomen treedt vooral ’s nachts op, wanneer iemand eigenlijk wil rusten, maar helaas niet kan slapen. Dan ontstaan er problemen met het in slaap vallen en doorslapen. Deze gaan doorgaans gepaard met onaangename gevoelens, zorgen en angsten. Anderen merken ’s nachts vooral een sterke innerlijke onrust; ze verlaten soms halsoverkop het bed en de slaapkamer of beginnen te beven of te zweten. Aan een verkwikkende slaap is dan nauwelijks meer te denken.
Maar slechte slaap is niet alleen ’s nachts te herkennen. Symptomen komen ook de volgende ochtend naar voren. Getroffenen komen vaak maar moeilijk uit bed, hebben overdag last van vermoeidheid, cognitieve beperkingen en stemmingswisselingen. Er kan sprake zijn van nervositeit en concentratieproblemen. Ook een verminderde levenskwaliteit en een beperkte functionering in de privé- en werkomgeving zijn typische gevolgen van een slaapstoornis.
Beide soorten klachten, zowel de problemen ’s nachts als de beperkingen overdag, kunnen afzonderlijk of in combinatie voorkomen. Ook de intensiteit ervan kan variëren: sommige mensen hebben vooral last in het donker en ervaren hun slapeloze nachten als bijzonder belastend. Anderen hebben minder last van de korte slaap, maar kunnen de negatieve gevolgen de volgende dag maar moeilijk verdragen.
Als je deze symptomen bij jezelf herkent: een slaapsychologe kan je helpen om de oorzaken gericht aan te pakken – met wetenschappelijk onderbouwde methoden zoals de KVT-I.

Oorzaken: Waarom kun je niet slapen
De redenen voor problemen met inslapen kunnen verschillend zijn. Soms zijn het externe factoren die het inslapen bemoeilijken, zoals bijvoorbeeld ongunstige, te felle lichtomstandigheden in de slaapkamer. Deze kunnen echter meestal met wat handigheid worden verholpen.
Het wordt al iets lastiger bij een te luidruchtige omgeving. Vooral onbekende omgevingen tijdens het reizen vormen een uitdaging. Vaak is het in het begin bijvoorbeeld onmogelijk om op vakantie te slapen, omdat alles anders is en er ongewone omgevingsgeluiden zijn. Maar ook deze kun je meestal goed onder controle krijgen met gordijnen of oordopjes, waardoor je een oorzaak van je slapeloosheid wegneemt.
Naast externe factoren kan ook je eigen innerlijke toestand de oorzaak zijn van slaapstoornissen. Het komt vaak voor dat zorgen en problemen je niet tot rust laten komen. En als je eenmaal verstrikt bent geraakt in de gedachtencarrousel, kom je er maar moeilijk weer uit. Dit gebeurt vaak tijdens het ‘uurtje van de wolf’, ook wel bekend als het tijdstip rond 3 uur ’s nachts – dit wordt vaak in verband gebracht met slaapstoornissen, omdat op dat moment het melatoninegehalte in het lichaam daalt en de hersenen actiever worden, wat het moeilijker maakt om weer in slaap te vallen. Hoe je dit toch voor elkaar kunt krijgen, lees je in ons andere artikel. Daarin vind je waardevolle informatie over hoe je ronddraaiende gedachten en nachtelijke zorgen weer van je af kunt zetten.
Ook de oorzaken van slaapstoornissen kunnen zeer complex zijn. Soms zijn het complexe oorzaken, soms eenvoudig te verklaren zaken die snel kunnen worden aangepakt. Hiertoe behoren bijvoorbeeld hevig zweten tijdens de slaap of de nachtelijke drang om te plassen. Dat laatste kun je vooral verminderen door in de laatste anderhalf uur voor het slapengaan niets meer te drinken en vlak voor het slapengaan je blaas nogmaals volledig te legen. Net als bij problemen met het in slaap vallen, hangen slaaponderbrekingen bovendien vaak samen met zorgen en problemen in het dagelijks leven. De beste remedie tegen slaaponderbrekingen is dus om je zorgen niet met je mee te slepen en ze zeker niet mee naar bed te nemen.
3.1. Psychische slaapstoornissen
Negatieve gedachten en psychische problemen kunnen tot slaapstoornissen leiden. Iedereen heeft wel eens meegemaakt dat je eigen hoofd je wakker houdt. Zo is de nacht voor een examen of een belangrijke afspraak meestal onrustig. De redenen hiervoor zijn spanning en stress. Beide zorgen ervoor dat je moeilijk tot rust komt en niet kunt ontspannen.
Maar als de spanning aanhoudt, blijven ook de onrustige nachten aanhouden. Dan kan er een problematische spiraal ontstaan, omdat er een ‘angst’ voor het eigen bed of voor het in slaap vallen kan ontstaan. Getroffenen associëren hun bed met negatieve aspecten zoals gespannen piekeren en ‘over problemen malen’. De angst dat ze de volgende dag niet optimaal kunnen benutten vanwege te weinig slaap 's nachts, leidt ertoe dat ze proberen met geweld in slaap te vallen.
Maar gezonde slaap en ontspanning gaan hand in hand. Zonder ontspanning lukt het niet of slechts moeizaam om in slaap te vallen en de hele nacht door te slapen – een vicieuze cirkel.
Slaapstoornissen kunnen ook voorkomen bij psychische stoornissen en psychische aandoeningen. Ze kunnen deze versterken of uitlokken, en dus de oorzaak ervan zijn. Voorbeelden hiervan zijn psychosen, depressie of persoonlijkheidsstoornissen. Belangrijk: deze aandoeningen moeten medisch worden behandeld. Om de juiste hulp te krijgen, moet je contact opnemen met een psychiater. Dit zijn specialisten op het gebied van psychische stoornissen en aandoeningen.
3.2. Lichamelijke slaapstoornissen
Fysieke of lichamelijke factoren kunnen de slaap ook negatief beïnvloeden. Een typisch voorbeeld is pijn: als het lichaam pijn doet, is aan ontspanning geen denken meer aan. En daarbij maakt het niet uit of je keel kriebelt, je rug pijn doet of je tand klopt. Ook aandoeningen die hevige jeuk veroorzaken, kunnen je ’s nachts wakker houden.
Pathologisch snurken, ook wel slaapapneu genoemd, is een ander typisch voorbeeld dat je van je slaap kan beroven. De lichamelijke oorzaak van het snurken is dat bij de betrokkenen de keelspieren ’s nachts steeds weer de luchtwegen blokkeren, waardoor er korte ademstilstanden ontstaan. Dit heeft een negatieve invloed op de slaapkwaliteit. Het is volkomen normaal dat de spieren in de keel met het ouder worden steeds meer verslappen. Hierdoor kan de apneu verergeren. Maar ook kinderen kunnen hevig snurken en ademstilstanden hebben. Meestal zijn dan echter grote keelamandelen of poliepen de oorzaak. Andere oorzaken van slaapapneu kunnen bijvoorbeeld een aangeboren afwijking van de kaak of een scheef neusscheidingswand zijn.
Een andere lichamelijke factor die een grote invloed kan hebben op je slaapkwaliteit, is je hormoonsysteem. Zelfs kleine hormonale veranderingen kunnen al een groot effect hebben. Tegenwoordig weet men dat vooral de vrouwelijke hormonen een sterke invloed hebben op de slaap. Wanneer deze tijdens de menopauze afnemen, merken vrouwen niet zelden innerlijke onrust en slaapstoornissen. Bij ernstige klachten kan dan hormoonvervangende therapie worden overwogen.
3.3. Slaapstoornissen door cortison
De term cortison, soms ook als kortison geschreven, wordt in de omgangstaal gebruikt voor een hele groep werkzame stoffen, namelijk de groep van de glucocorticosteroïden. Deze komen van nature in het lichaam voor als hormonen, maar kunnen ook kunstmatig worden geproduceerd en als geneesmiddel worden toegediend. Bekende medicijnen die cortison bevatten zijn bijvoorbeeld zalven die huiduitslag genezen of cortisonsprays die astmapatiënten gebruiken om hun ademhalingsklachten te verlichten.
Cortison heeft een ontstekingsremmende en anti-allergische werking. Maar de hormonen werken niet alleen waar ze bedoeld zijn, maar ook op andere plaatsen in het lichaam – en dat leidt tot bijwerkingen. Een ongewenst effect van cortison is bijvoorbeeld dat de huid dunner kan worden. Dan worden fijne adertjes zichtbaar. Een andere bijwerking kunnen slaapstoornissen zijn, omdat cortison op dezelfde manier werkt als het lichaamseigen hormoon cortisol. Dit staat ook bekend als het stresshormoon en zet het lichaam in de hoogste versnelling.
Overleg met je arts als medicijnen met cortison bij jou slaapstoornissen veroorzaken. Hij of zij kan je, afgestemd op je gezondheid of je slaapgewoonten, de juiste ondersteuning bieden. Misschien heb je een andere dosering cortison nodig of een alternatief preparaat. Het is bovendien een voordeel om medicijnen met cortison liever ’s ochtends in te nemen. Als er vanuit medisch oogpunt geen bezwaar tegen is, kun je zo het stimulerende effect van cortison in je voordeel gebruiken, in plaats van te klagen over slecht slapen.

Gevolgen: wat zijn de gevolgen van slecht slapen
Goede en voldoende slaap vormen de basis voor je gezondheid en je lichamelijke en geestelijke welzijn. Alleen als je uitgerust bent, kun je goed presteren en ben je veerkrachtig. Het tegenovergestelde is het geval als je gedurende langere tijd slecht slaapt, want slaaptekort en de gevolgen daarvan hebben meestal een negatieve invloed op je prestaties en levenskwaliteit. Van binnen voel je je krachteloos, futloos en uit balans, misschien ook overweldigd en klein. Soms worden mensen met slaapstoornissen humeurig en neigen ze tot opvliegend en agressief gedrag.
De emotionele instabiliteit in combinatie met concentratieproblemen, die eveneens een gevolg zijn van slapeloosheid, verhogen ook het risico op ongevallen. Verkeersongevallen zijn een niet te onderschatten gevolg van slecht slapen. In Duitsland werden in 2021 1507 ongevallen met gewonden of doden veroorzaakt door oververmoeide bestuurders. Dit cijfer is gepubliceerd door de ADAC, die benadrukt dat het werkelijke aantal nog hoger zou kunnen liggen.
Daarom geldt: ga nooit moe achter het stuur zitten!
Naast de emotionele gevolgen en het verhoogde risico op ongevallen heeft langdurig slecht slapen ook lichamelijke gevolgen. Vooral je immuunsysteem lijdt eronder. Het kan zich ’s nachts niet meer voldoende herstellen en wordt daardoor steeds zwakker. Dit leidt tot veelvoorkomende infectieziekten zoals verkoudheden en griep. Ook het risico op hart- en vaatziekten of stofwisselingsziekten neemt toe als je ’s nachts niet voldoende bijkomt. Ook psychische aandoeningen, met name depressies, kunnen door een slaapstoornis worden veroorzaakt of verergerd.

Behandeling: hoe je slaapstoornissen kunt verhelpen
De juiste behandeling van een slaapstoornis richt zich altijd op de oorzaak ervan. Want alleen als een probleem bij de bron wordt aangepakt, kan het duurzaam worden verbeterd of zelfs opgelost. Daarom moet het altijd je doel zijn om je slaapstoornis bij de oorzaak aan te pakken of deze bij de oorzaak te laten behandelen.
Verwarrend genoeg zijn slaapmiddelen of middelen met het slaaphormoon melatonine doorgaans geen behandeling die de oorzaak aanpakt. Het lijkt wel zo, maar mensen die deze medicijnen innemen, worden eerder verdoofd dan behandeld. De oorzaak, dat wil zeggen wat de slechte slaap veroorzaakt, blijft dan echter bestaan en is niet verholpen. Daarom mogen middelen die je kunstmatig in slaap brengen, alleen op doktersadvies worden ingenomen. In de meeste gevallen zijn ze geen blijvende oplossing. En het vinden daarvan is het doel van een goede behandeling.
Wat er per geval moet gebeuren om een stoornis op de lange termijn te verlichten, kan sterk verschillen: soms veranderen al kleine gewoontes de nachten, soms zijn er daarentegen grote veranderingen nodig. Soms kun je zelf actie ondernemen, soms ben je aangewezen op de juiste artsen en medicijnen. Soms is er snelle hulp beschikbaar, soms biedt alleen een langdurige therapie verlichting. Hieronder vind je een eerste overzicht van mogelijke behandelingen en tips over welke contactpersonen je verder kunnen helpen.
5.1. Acuut: snelle hulp bij slaapstoornissen
Veel oververmoeide mensen zijn op zoek naar snelle hulp bij slaapstoornissen. En niet zelden grijpen ze dan naar slaapmiddelen die de nachtrust kunstmatig teweegbrengen. Deze medicijnen mogen echter alleen op doktersadvies en slechts voor een korte periode worden ingenomen.
Vaak helpen ook al de huismiddeltjes van oma tegen slaapstoornissen, zoals bijvoorbeeld een warm glas met honing of verschillende geneeskrachtige planten, want wist je dat er tegen de meeste slaapproblemen daadwerkelijk een kruid groeit? En dat wisten niet alleen onze oma’s, maar ook al vele generaties vóór hen.
Misschien zijn ze helemaal niet nodig, want soms kun je ook snel resultaat boeken door je gedrag aan te passen: gebruik ontspanningstechnieken om ’s avonds gemakkelijker tot rust te komen. Een bijzonder bekende methode is meditatie. Wie mediteert, probeert zijn gedachten tot rust te brengen.
Om dat te leren, kun je bijvoorbeeld apps als handleiding gebruiken of video’s met geleide meditaties bekijken. Die kunnen je helpen om in gedachtenspiralen en negatieve gedachten te doorbreken, want in bed moet je in principe niet piekeren. Mocht je ’s nachts of vroeg in de ochtend toch eens nadenken over onafgewerkte taken of privéproblemen, doe dat dan altijd zo ‘probleemoplossend’ mogelijk en nooit ‘bezorgd’.
Wat daarbij helpt: pen en papier naast je bed. Zo heb je altijd de middelen bij de hand om een nachtelijke gedachte vast te leggen, zodat je er overdag aandacht aan kunt besteden. Want soms werkt ons brein heel eenvoudig: uit het oog, uit het hart. Je zult versteld staan hoe goed deze eenvoudige maar effectieve hulp bij slaapstoornissen werkt.
5.2. Chronisch: wat te doen bij slaapstoornissen
Bij chronische slaapstoornissen is een bezoek aan de dokter een must. Deze moet eerst de oorzaak van het slaaptekort en de gevolgen van de slechte slaap achterhalen, zodat vervolgens de juiste behandeling kan worden gestart.
Om goed voorbereid te zijn op de afspraak bij de arts, kan het helpen om een zogenaamd slaapdagboek bij te houden. Daarin leg je dagelijks je slaapgewoonten vast, bijvoorbeeld wanneer je naar bed bent gegaan, of je een slaapmiddel hebt ingenomen of welke problemen en gedachten je ’s nachts had. Ook noteer je je slaapduur, de kwaliteit van je slaap en je behoefte aan slaap overdag. Zo heb je alle informatie over je nachten bij de hand als de arts om details vraagt.
5.3. Welke arts kan helpen bij slaapstoornissen
Chronische slaapstoornissen moet je altijd door een arts laten onderzoeken, maar welke arts verantwoordelijk is voor jouw specifieke probleem, is niet in algemene termen te beantwoorden. Iemand die slaapwandelt of aan narcolepsie lijdt, heeft namelijk heel andere medische zorg nodig dan iemand die ’s nachts in bed ligt te piekeren. Een zieke persoon die regelmatig veel medicijnen gebruikt, moet anders worden behandeld dan een fitte persoon in uitstekende gezondheid die alleen maar verkeerde gewoontes heeft aangenomen. Een kind heeft andere zorg nodig dan een volwassene.
Kortom: wend je altijd tot de arts die voor jouw individuele situatie de juiste is.
Je huisarts kan je eerste aanspreekpunt zijn. Dit geldt in het algemeen voor alle medische vragen, want de huisarts kan direct de belangrijkste onderzoeken uitvoeren, je symptomen en je slaappatroon beoordelen, je adviseren en je, indien nodig, doorverwijzen naar een geschikte specialist.
Kinderen worden bijvoorbeeld behandeld door kinderartsen of kinder- en jeugdpsychiaters. Een gynaecoloog houdt zich bezig met de problemen van vrouwen die bijvoorbeeld tijdens de menopauze slaapstoornissen krijgen. Internisten behandelen aandoeningen en letsels van de inwendige organen, terwijl een KNO-arts kan helpen als de oorzaak van de slapeloosheid in de keel, neus of oren ligt, bijvoorbeeld bij snurkers.
In sommige gevallen word je doorverwezen naar een slaaplaboratorium. Daar kan je slaap meerdere nachten lang door medisch personeel worden geobserveerd.

Slaapstoornissen voorkomen met een goede slaaphygiëne
Er zijn enkele tips en trucs om slaapstoornissen te voorkomen:
- Vermijd het gebruik van media vlak voor het slapengaan. Dit is emotioneel uitputtend en het schermlicht remt de aanmaak van het slaaphormoon melatonine, dat ons lichaam het signaal geeft om in slaap te vallen.
- Ga pas naar bed als je echt moe bent. Dat klinkt simpel, maar is niet vanzelfsprekend; vooral niet voor stellen of ouders met kinderen. Vaak gaan we naar bed omdat het volgens de klok, de smartphone of maatschappelijke conventies nu bedtijd is. Als we dan nog niet echt moe zijn, liggen we eerder wakker en gaan we vaak onvermijdelijk piekeren.
- Blijf rustig en leg jezelf geen druk op. Als je al 15 minuten wakker in bed ligt, moet je het bed en de slaapkamer verlaten.
- Houd je in het donker of bij gedimd licht bezig met rustgevende en eerder monotone activiteiten (lezen, breien, puzzelen of kleuren). Als je weer moe bent, gadan terug naar bed. Mocht je dan nog steeds niet kunnen slapen, verlaat dan opnieuw het bed en de slaapkamer.
- Kijk ’s nachts nooit op de klok of op je smartphone! De tijd en nieuwe berichten interesseren je ’s nachts niet! Berichten, e-mails of zelfs alleen al het licht van het scherm kunnen je extra wakker maken. In principe horen mobiele telefoons, tablets enz. niet thuis in de slaapkamer!
- Vermijd ’s nachts absoluut fel licht, want dat maakt je wakker. Deze regel geldt ook voor het gangje naar het toilet. Om te voorkomen dat je valt, kan een bewegingsmelder helpen. Het licht daarvan is meestal optimaal, omdat het gedimd is. Als dat geen optie is, kan – ook al klinkt het misschien wat vreemd – een zonnebril de wakker makende lichtprikkel verzwakken.
- Ga niet te vroeg naar bed, voor zover je werk dat toelaat. Het is beter om van middernacht tot zes uur door te slapen dan van 21.00 uur tot vier uur, om daarna nog wakker te liggen.
- Een van de belangrijkste redenen voor een slaapstoornis is de angst om te verslapen, maar die is ongegrond. Vertrouw op je wekker of smartphone. Deze wekken je betrouwbaar, mits de accu’s en batterijen zijn opgeladen.
- Je smartphone mag natuurlijk als wekker dienen. Zet hem dan wel altijd in vliegtuigmodus, want zelfs lichte trillingen kunnen onze slaap verstoren.
Naast deze methoden is cognitieve gedragstherapie (KVT-I) de wetenschappelijk best onderbouwde behandelmethode bij slaapstoornissen. Onze slaapprofessional begeleidt je daarbij op professionele wijze

Beter slapen, gezonder leven – met onze slaapcursus. Tot 100% vergoeding.
Ontdek nu de online slaapcursusBehandeling: hoe je slaapstoornissen kunt verhelpen
De meest effectieve en wetenschappelijk best onderbouwde methode tegen slaapstoornissen is de cognitieve gedragstherapie voor slapeloosheid (CGT-I). Deze therapie helpt je om ongezonde slaappatronen te doorbreken en nieuwe, rustgevende routines op te bouwen. Onze ervaren slaapprofessional begeleidt je daarbij individueel, zodat je technieken leert die een blijvend effect hebben. Zo kun je stap voor stap weer een gezonde slaap vinden en je levenskwaliteit merkbaar verbeteren.
Meer artikelen voor een betere slaap
Producten die voor ontspanning zorgen
Oefeningen voor een goede nachtrust
Met ontspanningsoefeningen voor het slapengaan kom je tot rust. Maak er een dagelijks ritueel van. Vooral als je last hebt van slaapstoornissen, kan dit nuttig zijn.
























